Het label van het plantenpaspoort: wat de EU-vlag en A, B, C, D betekenen
Gepubliceerd: · Laatst bijgewerkt:
Een standaard EU-plantenpaspoort heeft de EU-vlag linksboven, de woorden "Plant Passport" rechtsboven en daaronder vier regels. A is de botanische naam van de plant, B de landcode en het registratienummer van het bedrijf dat het paspoort heeft afgegeven, C de traceerbaarheidscode en D het land van oorsprong.
Weet je niet zeker of je planten een paspoort nodig hebben? Heb ik een plantenpaspoort nodig? Wanneer de EU het verplicht stelt
Waar staan de EU-vlag en de titel?
- De EU-vlag staat in de linkerbovenhoek. Die mag in kleur of in zwart-wit zijn gedrukt.
- De woorden "Plant Passport" staan in de rechterbovenhoek, altijd in het Engels. Ze mogen daarnaast in één andere EU-taal staan, gescheiden door een schuine streep: op een Italiaans label bijvoorbeeld "Passaporto delle piante / Plant Passport".
- Het paspoort staat binnen een kader, of is op een andere manier duidelijk gescheiden van al het andere dat op hetzelfde label is gedrukt, zoals de prijs of verzorgingsinstructies. Het moet zonder vergrootglas leesbaar zijn (Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2313, art. 2).
De opmaak, letterlijk: Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2313 op EUR-Lex
Waar die past in de fytosanitaire regels van de EU: de pagina van de Europese Commissie over plantenhandel binnen de EU, in het Engels
Wat betekenen A, B, C en D?
A is de botanische naam, B het bedrijf dat het paspoort heeft afgegeven, C de traceerbaarheidscode en D het land van oorsprong. Op het label staat alleen de letter, niet de naam van het element.
- A — Botanische naam: De Latijnse naam van de soort, zoals Lavandula angustifolia, soms gevolgd door het ras, zoals 'Hidcote'. Nooit de volksnaam. Bij een ander materiaal dan een plant: de naam van dat materiaal.
- B — Professionele marktdeelnemer: Twee letters voor het EU-land waar het afgevende bedrijf is geregistreerd, een koppelteken en dan het registratienummer van dat bedrijf, dat uit letters, cijfers of allebei kan bestaan. In Italië is dat nummer de RUOP-code van het bedrijf.
- C — Traceerbaarheidscode: De code die de plant koppelt aan de partij in de administratie van wie het paspoort heeft afgegeven. Er kan een streepjescode, QR-code, hologram of chip naast staan, maar die vult de code aan en vervangt hem niet. C mag ontbreken bij voor opplant bestemde planten die al klaar zijn voor verkoop aan de eindgebruiker en geen risico op verspreiding van quarantaineorganismen opleveren, tenzij de soort op een lijst van de Commissie staat (Verordening (EU) 2016/2031, art. 83, lid 2).
- D — Land van oorsprong: Een code van twee letters voor een EU-land, zoals NL, of de naam of code van een land buiten de EU. Die kan verschillen van het land in B: geeft een Nederlands bedrijf het paspoort af voor olijfbomen die in Italië zijn gekweekt, dan begint B met NL en staat er bij D IT.
Meer over element C en de gegevens erachter: De traceerbaarheidscode en de gegevens erachter
Welke andere versies van het label bestaan er?
Vier die je kunt tegenkomen: het PZ-paspoort voor beschermde gebieden, het vervangende paspoort, het paspoort dat deel uitmaakt van een certificeringslabel, en de opmaak van vóór december 2019, die niet meer geldig is.
Plant Passport – PZ
Planten die in een beschermd gebied worden binnengebracht of daarbinnen worden verplaatst (een gebied in de EU dat vrij wordt gehouden van een plaagorganisme dat elders wel voorkomt), krijgen in plaats daarvan "Plant Passport – PZ". Direct onder de titel volgt de wetenschappelijke naam van dat plaagorganisme, of de code ervan. Daarna volgen A, B, C en D zoals gewoonlijk (bijlage VII, deel B).
Vervangende plantenpaspoorten
Een bedrijf dat planten met een paspoort ontvangt, mag er een nieuw paspoort voor in de plaats afgeven, en als het één handelseenheid opsplitst in meerdere, moet het voor elk daarvan een paspoort afgeven, mits de planten ongewijzigd en nog traceerbaar zijn. B toont dan het bedrijf dat het nieuwe paspoort heeft afgegeven, niet de kweker. Op een PZ-paspoort vermeldt D ook het registratienummer van wie het oorspronkelijke paspoort heeft afgegeven (art. 93; bijlage VII, deel B).
Gecombineerd met een certificeringslabel
Gecertificeerd zaaizaad, pootaardappelen en gecertificeerd teeltmateriaal, zoals fruitgewassen en wijnstokken, hebben al een officieel certificeringslabel. Hun plantenpaspoort maakt deel uit van dat label: de EU-vlag en "Plant Passport" bovenaan, over dezelfde breedte, en daaronder het certificeringslabel met de bijbehorende gegevens (art. 83, lid 5; bijlage VII, delen C en D). Op zo'n label zie je mogelijk geen A, B, C of D.
Labels van vóór december 2019
De huidige opmaak geldt vanaf 14 december 2019. Paspoorten die eerder in de oude opmaak zijn afgegeven, bleven geldig tot 14 december 2023. Een plantenpaspoort zonder EU-vlag is dus niet meer geldig (Uitvoeringsverordening (EU) 2017/2313, art. 4).
Wat vertelt het label je niet?
- Of het echt is, of het bedrijf in B nog geregistreerd is. Er is geen openbare EU-database om dat op te zoeken.
- Wie jou de plant heeft verkocht. B is het bedrijf dat het paspoort heeft afgegeven: de kweker, of een bedrijf verderop in de keten dat het paspoort heeft vervangen.
- Waar de plant precies is gekweekt. D noemt een land, geen regio of kwekerij.
- Iets over de kwaliteit. Een plantenpaspoort is een officieel label dat bevestigt dat de plant voldoet aan de fytosanitaire voorschriften van de EU voor verkeer binnen de Unie (Verordening (EU) 2016/2031, art. 78). Het is geen kwaliteitsklasse, rassencertificaat of biologisch keurmerk.
- Wat de streepjescode of QR-code bevat. De Verordening laat dat over aan wie het paspoort afgeeft: de streepjescode of QR-code vult de code in C aan en vervangt die niet.
Heb je een paspoort in handen en twijfel je of je het kunt vertrouwen? Een ontvangen paspoort controleren
Zelf paspoorten afgeven
FloraPass drukt paspoorten in deze opmaak af, ook de PZ-versie en met een optionele streepjescode of QR-code, als PDF of op thermische labelprinters.